Van alle voorste kruisband (VKB) rupturen is 70% gebaseerd op een ‘non-contact’ traumamechanisme (Quatman & Hewett, 2009; Saris et al., 2011).

Met non-contact wordt bedoeld dat de krachten die zorgden voor de VKB-ruptuur afkomstig waren van de beweging van de persoon zelf en er geen contact was met een andere persoon of met een object (Shultz SJ et al., 2008).

In Nederland werden in 2012 naar schatting 8000-9000 VKB-reconstructies uitgevoerd. De meeste primaire VKB-reconstructies worden uitgevoerd met een hamstring (HS) graft of autologe bone-patellar tendon-bone (BPTB) graft.

Een (isokinetisch) krachtsverschil voor de operatie in de m. quadriceps tussen het aangedane en niet– aangedane been van meer dan 20% leidt tot een significant krachtverschil tot 2 jaar na de operatie. Daarom dient het krachtverlies in het aangedane been ten opzichte van het niet-aangedane been geminimaliseerd te worden tot 20% of minder; op de lange termijn leidt dit tot een betere kniefunctie (De Jong et al., 2007; Eitzen et al., 2009).

Postoperatieve behandeling

Bij een krachtverlies ten opzichte van de niet– aangedane zijde is het wenselijk om de quadriceps- kracht te trainen in open en gesloten keten (De Jong et al., 2007; Eitzen et al., 2009).

Volgens het evidence statement ‘voorste kruisband revalidatie’ van het koninklijk genootschap fysiotherapie is het belangrijk om na de operatie een langdurig traject in te gaan dat zich concentreert op toename van functie en herstel van activiteiten.

Postoperatief komt dit er volgens deze richtlijn zo uit te zien:

Er is beperkt wetenschappelijk bewijs beschikbaar voor de trainingsvormen die het eindresultaat van de revalidatie na VKB-reconstructie beïnvloeden. Op basis van de literatuur kunnen de volgende conclusies worden getrokken:

  • Krachttraining dient zowel in gesloten als open keten te worden uitgevoerd om het meest optimale resultaat te behalen (kracht links = kracht rechts).
  • Excentrische training van de m. quadriceps en de gluteaalmusculatuur kan veilig in de vroege fase van de revalidatie ingezet worden.
  • Behalve krachttraining moet ook neuromusculaire training onderdeel uitmaken van de revalidatie.

Van de knieblessures is de voorste kruisband ruptuur wel een van meest langdurende revalidatie trajecten die we kunnen bedenken (naast een nieuwe knie). Een gemiddelde herstelperiode van de VKB-ruptuur duurt 9 tot 12 maanden (Ménétrey et al., 2008; Scheffler et al., 2008; Janssen & Scheffler, 2013)

Om het herstel te bespoedigen wordt in toenemende mate Blood flow restriction training (BFR) ingezet als trainingsmethode. Als je wilt weten wat BFR specifiek traint, lees dan eerst mijn vorige blog BFR training voor dikke gains.

Wanneer beginnen met BFR?

Blood flow restriction training kan al vanaf de vroege fase (week 1-6) worden ingezet om hypertrofie van de m. Quadriceps te trainen (Ohta, Haruyasu, et al 2003). Zelfs door isometrische oefeningen onder occlusie kan atrofie worden bestreden, (Takarada, 2000), (Kubota, 2008) en kunnen neuro-musculaire oefeningen zoals knieschijf optrekken al een toename van volume geven. Daarnaast heeft het een gunstig effect op het collageen herstel dmv. verhoogde proteïne synthese, groeihormoon (GH) en IGF-1. Verder komt door de hypoxische staat van het been, een verhoogde prikkel op de neuromusculaire rekrutering van type 2 vezels, die zeer geschikt zijn voor hypertrofie en krachttraining.

Daarnaast lijkt blood flow restriction training in staat om in de eerste 6 weken na VKB-operatie, beenkracht tot 10% verschil met het niet-aangedane been te kunnen opbouwen. Dat is een aanzienlijke tijdverkorting, omdat nu na 6 weken al met reguliere kracht/hypertrofie oefeningen gestart kan worden.

Fase 1 van het KNGF statement laat zien dat wij als fysiotherapeuten trainen om functieniveau van de knie te herstellen. Hier bedoelen wij mee; verminderen van hydrops, toename mobiliteit, toename kracht en neuromusculaire training.

Als we kijken naar het hoofdstuk kracht staat in onze richtlijn;

b. Kracht (noot 11)
  • Motorische reactivering van de m. quadriceps: aan- spannen van de m. quadriceps in langzit, oftewel actieve knie-extensie (De Carlo & McDivitt, 2006; Isberg et al., 2006). Maak ter ondersteuning even- tueel gebruik van facilitatietechnieken of elektro- stimulatie indien actieve aanspanning van de m.quadriceps onmogelijk is (Wright et al., 2008; Kim et al., 2010). (noot 12)
  • Isometrische quadricepsoefeningen (‘active straightleg raises’, ASLR) (Shaw et al., 2005; De Carlo & McDi- vitt, 2006) (noot 13), opgebouwd naar concentrische en excentrische oefeningen (noot 14), mits de knie niet reageert met warmte, hydrops en/of toename van pijn (Gerber et al., 2007a; Gerber et al., 2007b; Andersson et al., 2009; Gerber et al., 2009).
  • Quadricepstraining in gesloten keten (ROM 0°-60°) met behulp van de ‘leg press’, met de ‘squat’ en met de ‘step-up’ (Shelbourne & Gray, 1997; De Carlo & McDivitt, 2006; Heijne & Werner, 2007; Risberg et al., 2007; Van Grinsven et al., 2010). (noot 15)
  • Bij een BPTB-graft: vanaf week 4 quadricepsoefe- ningen in een open keten met extra weerstand (zo- als leg extension) met ROM 90-45° (Heijne & Werner, 2007; Escamilla et al., 2012).Bij een HS-graft: vanaf week 4 quadricepsoefenin- gen in een open keten, maar zonder extra weer- stand, met ROM 90-45° (Fukuda et al., 2013).
  • Zowel bij een BPTB- als bij een HS-graft is het vanaf week 5 mogelijk om elke week in 10° meer extensie te trainen: in week 5 met ROM 90-30° en in week 6 met ROM 90-20° (De Carlo & McDivitt, 2006; Heijne & Werner, 2007; Wright et al., 2008; Andersson et al., 2009; Glass et al., 2010; Van Grinsven et al., 2010; Escamilla et al., 2012). (noot 15)
  • Concentrische en excentrische training van:
    • –  de gluteaalmusculatuur met abductie in zijlig-ging of abductie in stand (= ‘side kick’) en ‘crab walks’;
    • –  de hamstrings met ‘goodmorning’, heupextensiein buikligging of stand (= ‘rear kick’) en
    • –  de kuitmusculatuur met ‘standing heel raises’ (Risberg et al., 2007).

Als we al deze informatie in beschouwing nemen lijkt het erop dat we het herstel van een VKB reconstructie voornamelijk in de eerste fase kunnen versnellen door:

  • de motorische reactivering van de m. quadriceps door BFR
  • de isometrische quadricepsoefeningen door BFR
  • de Quadricepsoefeningen in gesloten keten met BFR (20% van 1RM)
  • de con-, excentrische training van gluteaal, hamstring en kuit musculatuur met BFR (20% van 1RM)

Conclusie

Door blood flow restriction training al vanaf de eerste week in de revalidatie toe te passen krijgen we niet alleen reactivering van m. Quadriceps, maar tegelijk ook nog kracht toename en hypertrofie van dezelfde spiergroep. Zo heb je de eerste 6 weken winst in kracht en spiermassa tegen minimale belasting, met maximaal resultaat.

Als gecertificeerd blood flow restriction trainer, volgens Owens Recovery Science (ORS), kan ik je helpen om je spierkracht en spiermassa al in de eerste weken van je revalidatie naar een hoger niveau te brengen. Hiervoor maak ik trouwens ook een aanpassing in je voedingspatroon.

Ben je geïnteresseerd in een revalidatie traject met BFR of heb je nog vragen? Stuur dan hier een bericht.

(Visited 1,347 times, 1 visits today)